Verlengde Velmolen 2B
5406 NT Uden
Een doktersassistente in opleiding heeft een arbeidsovereenkomst voor een jaar. Ze sluit ook een studieovereenkomst met een 100% tegemoetkoming van haar studiekosten en een terugbetalingsregeling. Na negen maanden krijgt ze te horen dat de arbeidsovereenkomst niet wordt verlengd en dat ze de studiekostenvergoeding moet terugbetalen. Is dat laatste terecht?
Deze zaak gaat over de vraag of de werkgever bij het einde van het dienstverband terecht de ten behoeve van de assistente betaalde studiekosten heeft verrekend met het loon dat nog aan haar toekwam.
Volgens de assistente is de terugbetalingsverplichting uit de studiekostenovereenkomst nietig.
Partijen zijn het er over eens dat er geen wettelijk voorschrift bestaat dat het volgen van de opleiding tot doktersassistente verplicht stelt voor het kunnen uitoefenen van de functie. In die zin is de opleiding dus niet noodzakelijk.
Maar naar het oordeel van de rechter heeft het begrip “noodzakelijk” hier een ruimere strekking. Een werkgever die vindt dat de werknemer bijvoorbeeld het Engels beter moet beheersen om de functie te kunnen uitvoeren en dus scholing aanbiedt, moet dat kosteloos doen omdat deze werkgever die cursus kennelijk noodzakelijk vindt. Met andere woorden, scholing die in opdracht van de werkgever moet worden gevolgd is noodzakelijke scholing en dient dus kosteloos te zijn voor de werknemer.
De assistente stelt dat de werkgever de opleiding tot doktersassistente verplicht heeft gesteld. De werkgever is het daar niet mee eens. De rechter onderzoekt het en vindt het op basis van verklaringen en een brief aannemelijk dat de assistente gelijk heeft. In de ogen van de werkgever was de opleiding dus noodzakelijk voor het uitoefenen van de functie van doktersassistente. Dat de assistente wellicht zelf die opleiding ook graag wilde volgen, maakt dat niet anders.
Conclusie
De conclusie is dat het hier gaat om een opleiding die noodzakelijk is voor het verrichten van de functie. Dat betekent dat de werkgever die opleiding kosteloos moet aanbieden. Het studiekostenbeding is met die verplichting in strijd voor zover daarin kosten worden teruggevorderd en is dus nietig. Het door de assistente gevorderde bedrag ad € 2.010,95 netto zal daarom worden toegewezen.
Let op: Volgens de rechter is scholing die in opdracht van de werkgever wordt gevolgd noodzakelijke scholing. Deze dient kosteloos te zijn voor de werknemer.